Het werkgeheugen

Geschreven op:

26 februari 2021
Categorie: Praktijk Kijkspel

In mijn vorig blog heb ik verteld dat mijn nieuwste blog zal gaan over het werkgeheugen.

Het werkgeheugen is namelijk een belangrijk onderdeel van je IQ. Het werkgeheugen is de vaardigheid om informatie in het geheugen te houden bij het uitvoeren van complexe taken. Het werkgeheugen bestaat uit diverse delen onder andere het korte termijn geheugen, het lange termijn geheugen, visueel geheugen en het auditief geheugen. Een zwak werkgeheugen kan je leven en dus ook het leren flink belemmeren. Maar er is ook goed nieuws; Je kan je werkgeheugen ook trainen! Ik ben sinds kort BCB werkgeheugentrainer. 

Waarom ben ik dit gaan aanbieden in mijn praktijk?

Veel kinderen met leerproblemen hebben een zwak werkgeheugen, vaak in combinatie met een lage verwerkingssnelheid. Dit zie je regelmatig bij kinderen met kenmerken van AD(H)D of dyslexie kenmerken. De combinatie AD(H)D en dyslexie komen ook veel voorkomen bij kinderen met een zwak werkgeheugen.

Problemen thuis

Voor veel gebieden m.b.t. het leren heb je je werkgeheugen nodig, maar ook in het dagelijks leven geeft een zwak werkgeheugen belemmeringen. Het kind kan moeilijk beginnen met een taak, heeft moeite dingen af te maken, vergeet spullen op te ruimen of waar zijn spullen zijn, heeft moeite met het opvolgen van meerdere opdrachten en in de klas is het opvallend dat ze hun vinger opsteken, maar het antwoord niet meer weten als het hun beurt is.

Problemen op school

Op leergebied liggen de grootste problemen bij het verwerken van de instructie. Het werkgeheugen wordt dan overbelast door alle informatie die niet verwerkt wordt. Dit lijkt dus op een concentratieprobleem en het kind laat dan een beeld zien van wegdromen of juist wiebelen. Het gevolg hiervan is dat het leerproces vertraagd wordt. Deze kinderen krijgen daardoor onvoldoende in-oefening en te weinig instructie mee. Bij het leren lezen is het schakelen tussen klanken, de naam van de letters en de tweetekenklanken (ei,au,ou enz) erg lastig. Voor het rekenen is de combinatie van een antwoord uitrekenen, opslaan en daarna nog bewerken erg lastig. 

Hoe ziet een werkgeheugentraining eruit?

De training is gemaakt voor kinderen vanaf 8 jaar tot een jaar of 13. Er wordt 3x per week thuis geoefend en een keer per week bij mij in de praktijk. In totaal dus 4 x per week. Er wordt gewerkt met een onlineprogramma waarbij elk oefenmoment, er 3 geheugenspellen gespeeld worden. De training duurt in totaal 9 weken. Het programma past zelf de moeilijkheidsgraad aan. De rol van de trainer en de rol van de ouders zijn erg belangrijk ter ondersteuning van het kind. Het is de bedoeling dat u uw kind thuis coacht met tips en trucs geleerd in de sessie bij mij in de praktijk.

Wilt u hier meer over weten? Neem gerust contact op met mij voor een vrijblijvend gesprek.

https://bcb-geheugentraining.nl. Hier kunt u nog meer informatie vinden over het programma.

2 Reacties

  1. Jessica

    Deze blog is wel handig. Maar ik heb een vraag: hoe stimuleer je het werkgeheugen van kinderen die een stuk jonger zijn dan 8 jaar? Het kindje waar ik over spreek is vijf jaar oud, en heeft (zoals je ook omschreef) uiterst veel problemen met onthouden van zijn taakjes op school, leren tellen, de woordjes van een zin in de juiste volgorde plaatsen en zo verder. Door verschillende testen afgenomen door logopedisten is gebleken dat dit jongentje een slecht werkgeheugen heeft. Er is echter nooit aangegeven hoe dit dan wel gestimuleerd kan worden. Aangezien zijn achterstand in de klas enkel groter zal worden, zou ik graag een manier vinden om zijn geheugen te stimuleren en zijn leerproblemen te matigen. Ik weet niet of u me eventueel in de juiste richting kan sturen, maar op dit punt probeer ik op alle manieren informatie in te winnen die kan helpen.

    Antwoord
    • Erika

      Hoi Jessica,
      Als eerste is het erg prettig voor het kind dat dit nu al ontdekt is. Daardoor kan je als ouder/begeleider/leerkracht hier rekening mee houden. Dat is als eerste belangrijk: veiligheid, het gevoel ik mag er zijn en zelfvertrouwen bevorderen. Zorg voor vaste rituelen en afspraken. Zorg dat je voorspelbaar bent en dat de dagplanning zichtbaar is. Rituelen en dingen die we doen worden op een gegeven moment naar het lange termijn geheugen verplaatst en doen we dus automatisch. We denken er niet bij na en dat ontlast het korte termijn geheugen zodat er ruimte overblijft. Dit is voor thuis en in de klas erg belangrijk. Belangrijk om het werkgeheugen te ontlasten en belangrijk om stress te voorkomen. Daar komen we dus bij stress en onzekerheid. Als je een klein werkgeheugen hebt dat vergeet je dingen ook weer snel en dit maakt dat een kind sneller boos is/ gefrustreerd is en een negatief zelfbeeld heeft.
      Mijn tips voor jongere kinderen:
      Tip 1:zorg voor structuur, voorspelbaarheid,
      Tip 2:leer routines in kleine stapjes aan. Maakt die stapjes ook visueel bijvoorbeeld met een checkpad.Voorbeeld Tandenpoetsen: stap 1: leer op 1 plek te blijven (oude poetst de tanden en zorgt voor de spullen). Stap 2: op een plek blijven en kind pakt de tandenborstel en tandpasta, leg het dopje op een vaste plek. Stap 3: na het poetsen door moeder ruimt het kind het zelf weer op. Stap 4 is dan dat het kind zelf poetst en alle stapjes ook uitvoert, als het goed is zijn na een aantal stappen de eerste stappen geautomatiseerd en belast dit het werkgeheugen weer minder. Zo kan je dus bij veel routines aanleren. Idem met fruit eten in de klas (altijd dezelfde volgorde aan houden)
      Tip 3: speel spelletjes en maak puzzels. Bijvoorbeeld Memory ( bouw het aantal kaartje op 6-10-14-enz). Op school is er vaak veel ontwikkelingsmateriaal. Werk hier mee al moddelend. Praat dus hardop en verwoord je handelingen die je doet. “ik pak dit stukje en ik denk dat dit hier past”. Op deze manier leert het kind dat je jezelf kan sturen door middel van gedachtes en zichzelf daardoor ook weer structuur kan bieden.
      Tip 4: laat het kind zelf denken en verwoorden. Wat moet er in je tas naar school? Kind kan dan in de tas kijken en dingen opnoemen. Jij hebt hem al gevuld en is al compleet. Bijvoorbeeld: beker, broodtrommel en een stuk fruit. Na 2 weken laat je 1 ding weg.. mist het kind dit? Dit kan je dus ook weer opbouwen naar meer of niks meer er in doen tot dat je kind zelf zijn tas helemaal kan in pakken. In de klas kan dit bijvoorbeeld met de afsluit routine van de dag. Als je gaat opruimen laat je 3 picto’s zien. 1 van een lege tafel, stoel op de juiste plek en jas aan doen. stap 1 Benoem en laat zien en laat het uitvoeren. Stap 2 Laat het kind de stappen benoemen met de picto’s en uitvoeren Stap 3: Picto’s omdraaien als kind benoemt en dan uitvoeren. Stap 4: alleen benoemen en uitvoeren. Stap 5: kind kan het zonder stimulans ( misschien 3 vingers nog omhoog doen). Dit kan natuurlijk met de hele klas. Vaak zijn er meer kinderen die wat meer structuur nodig hebben. Stappen weglaten waar het kan natuurlijk.
      tip 5: doe rustig aan. Leer waar het kan, neem rust waar het moet. Stress is funest. Dus neem de dingen die het kind nog niet goed geoefend heeft nog even voor je eigen rekening. Bijv complexe dingen opruimen.
      Veel succes!

      Antwoord

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Share This